zondag 12 maart 2017

QUEST 2 - Teamdeel (versie 2)

SCENARIOBESCHRIJVING

ONLINE ß à 1 SIZE FITS ALL


SCENARIOBESCHRIJVING Basisschool
Maandagochtend half negen. Saartje logt in op haar laptop. Ze heeft net ontbeten en zit aan haar bureau. De dag begint zoals altijd met een groepsgesprek via Skype. Leerkracht Emily legt tijdens dit gesprek uit hoe het dagprogramma er uit gaan zien voor de kinderen in haar klas. In het digitale systeem zijn diverse instructiefilmpjes terug te vinden. Saartje bekijkt deze zelfstandig en verwerkt vervolgens de lesstof digitaal. Het systeem kan haar direct van feedback voorzien. De opgedane kennis past ze toe in de Virtual Reality omgeving. De resultaten van het gemaakte werk worden gebruikt om de lesinhoud van de volgende onderwijsperiode vorm te geven. De differentiatie is beperkt, het aanbod staat grotendeels vast. Wanneer deze afstemming niet voldoende is, worden ontwikkelgesprekken met de leerkracht ingezet om achterstanden te beperken of voorkomen. Indien het niveau van Saartje te ver achterblijft of vooruitstreeft ten opzichte van de groep, kan er overplaatsing plaatsvinden naar een ander leerjaar.

SCENARIOBESCHRIJVING Beroepsschool
Maandagochtend half negen. Saartje logt in op haar laptop. Ze heeft net ontbeten en zit aan haar bureau. De dag begint zoals altijd met een groepsgesprek via Skype. Docent Emily bespreekt met haar mentorklas de weekplanning. Op eigen initiatief gaat Saartje aan de slag met de lesactiviteiten die staan ingepland. De instructiefilmpjes zoekt ze op in de Cloud en verwerkt ze vervolgens digitaal. Het digitale leerlingvolgsysteem meet haar resultaten en voorziet haar direct van feedback. De opgedane kennis past ze toe in de Virtual Reality omgeving. De differentiatie is beperkt, het aanbod staat grotendeels vast. Wanneer deze afstemming niet voldoende is, worden ontwikkelgesprekken met de leerkracht ingezet om achterstanden te beperken of voorkomen. Indien het niveau van Saartje te ver achterblijft of vooruitstreeft ten opzichte van de groep, kan er overplaatsing plaatsvinden naar een ander leerjaar of opleidingsniveau.

***

Welkom in het jaartal 2030. Het kabinet Rutte III dat in 2017 is gevormd heeft ruim 50 miljoen geïnvesteerd in ICT-projecten die bijdragen aan het verbeteren van de dienstverlening van de overheid. Deze investeringen hebben er voor gezorgd dat de technologisering en de opkomst van ICT heeft doorgezet (Onderwijsraad, 2014). Overheid en onderwijsinstanties hebben daarom in 2020 de handen ineen geslagen om deze trends binnen onderwijsland op een gestructureerde manier vorm te geven. Dit heeft concreet geresulteerd in ‘Het LeerLoket’, een digitaal onderwijsplatform, waarop voor iedereen toegankelijk les- en leermateriaal wordt geplaatst. Het onderwijsplatform dient tevens als leerlingvolgsysteem, gezien de resultaten en vorderingen van leerlingen digitaal worden geregistreerd. Zowel het verzamelen van instructiemateriaal als het registreren van resultaten en het aanpassen van het onderwijsaanbod hierop, hebben als achterliggend doel dat het de kwaliteit van het onderwijs dient te verhogen (Janssens, 2008)(Blok, Ledoux & Roeleveld, 2015).

De rolomschrijving van de docent 2030 is niet vergelijkbaar met die van de docent 2017. Het lesaanbod staat vast en wordt via digitale middelen aangeboden aan de student. Ook de directe feedback op de prestaties is gedigitaliseerd. De aanbod- en controlefunctie van de leerkracht zoals die voorheen werd uitgevoerd, is grotendeels verdwenen. De leerkracht blijft de leerling echter wel volgen in zijn leerproces en coacht en begeleidt waar nodig. Het initiatief tot contact wordt volledig gedeeld met de student. Ook studenten onderling komen regelmatig met elkaar in contact, met voornaamste doel het geven van peerfeedback op elkaars ontwikkeling. Deze digitale groepsgesprekken worden ingezet als formatief toetsmoment en hiermee wordt gestreefd naar een verbetering in het leerproces. Uiteindelijk vindt desondanks alsnog summatieve toetsing plaats, een noodzaak om te kunnen beoordelen of de gestelde doelen zijn bereikt. Aan de hand van deze harde gegevens kan de vervolgroute van de student worden bepaald (Blok, Ledoux & Roeleveld, 2009).

De leeromgeving is volledig gedigitaliseerd en bevindt zich in de Cloud, wat het leerproces tijd- en plaats onafhankelijk maakt. Binnen het lesstofaanbod is er een verschuiving zichtbaar. Het opslaan en oproepen van kennis neemt een minder prominente plek in dan voorheen. Het connectivisme (Siemens, 2005) verovert hiermee terrein en het vermogen om te leren wordt daarmee een belangrijker goed dan enkel het opslaan van kennis. De focus komt sterker te liggen op het ontwikkelen van skills. Vanwege deze reden neemt Virtual Reality binnen het onderwijs een voorname plek in. De investeringen van het kabinet in VR hebben er in geresulteerd dat leerlingen de kans krijgen om zich in een interactieve en multimodale omgeving te ontwikkelen, met uitsluiting van de risico’s die zich in de realiteit zouden kunnen voordoen (Gregory, Lee, Dalgarno & Tynan, 2016). Ontdekkend leren en werkplekleren worden hiermee naar een hoger plan getild.



LITERATUUR

Blok, H., Ledoux, G., & Roeleveld, J. (2015). Opbrengstgericht werken in het primair onderwijs: een effectieve weg naar onderwijsverbetering? Pedagogische Studiën, 92, 167-178.

Gregory, S., Lee, M.J.W., Dalgarno, B. & Tynan, B. (2016) Learning in Virtual Worlds. Research and Applications.

Janssens, F. J. (2008). Kijk op toetsen. Universiteit Twente.

Marquenie, E., Opsteen, J. Brummelhuis, A. ten, Waals, J. van der (2014) Elk talent een kans. Verkenning van gepersonaliseerd leren met ICT. (onderzoeksnotitie ten behoeve van project Leerling 2020) In opdracht van Schoolinfo voor de VO-raad.

Onderwijsraad (2014). Een eigentijds curriculum. Den Haag: Onderwijsraad

Reints, A. & Wilkens, H. (2012). Wat bepaalt de kwaliteit van digitaal leermateriaal. 4W, 1(1), 28.


Siemens, G. (2005) Connectivism: A Learning Theory for the Digital Age. International Journal of Instructional Technology and Distance Learning. Vol. 2 No. 1.

zaterdag 11 maart 2017

QUEST 2 - Individueel (versie 2)
















1. MEETMACHINE

SCENARIOBESCHRIJVING
Maandagochtend half negen. Saartje logt in op haar laptop. Ze heeft net ontbeten en zit aan haar bureau. De dag begint zoals altijd met een groepsgesprek via Skype. Leerkracht Emily legt tijdens dit gesprek uit wat het dagprogramma gaat zijn voor de kinderen in haar klas. In het digitale systeem zijn diverse instructiefilmpjes terug te vinden. Saartje bekijkt deze zelfstandig en verwerkt vervolgens de lesstof digitaal. Het systeem kan haar direct van feedback voorzien. De resultaten van het gemaakte werk worden gebruikt om de lesinhoud van de volgende onderwijsperiode vorm te geven. De differentiatie is beperkt, het aanbod staat vast. Wanneer dit niet voldoende is, worden ontwikkelgesprekken met de leerkracht ingezet om achterstanden te beperken of voorkomen. 

KENMERKEN
-       Vast onderwijsaanbod
-       Beperkte differentiatie
-       Opbrengstgericht werken
-       Digitale leerkrachten / instructiefilmpjes
-       Vanuit thuis te volgen
-       Tijd staat vast
-       Skype groepen
-       Online verwerking
-       Directe digitale feedback

Welkom in schooljaar 2030. De afgelopen jaren heeft de technologisering en de opkomst van ICTflink doorgezet. Dit heeft de arbeidsmarkt dusdanig doen veranderen, waardoor de vraag naar 21e eeuwse vaardigheden exponentieel is toegenomen (Onderwijsraad, 2014). Overheid en onderwijsinstanties hebben om die reden de handen ineen geslagen om op een gestructureerde manier deze trend in onderwijsland vorm te geven. Dit heeft geresulteerd in het online onderwijsscenario ‘Meetmachine’. Binnen dit scenario wordt opbrengst gericht werken beschouwd als het middel bij uitstek om hogere leeropbrengsten te realiseren (Blok & Roeleveld, 2015). Ledoux, Blok & Boogaard (2009) gebruiken in plaats van de term opbrengstgericht werken, de definitie meetgestuurd onderwijs. Dit houdt in dat tijdens de dagelijkse lespraktijk nieuwe media en technologie wordt ingezet om de vorderingen van leerlingen te bepalen en de uitkomsten daarvan te gebruiken bij het inrichten van volgende onderwijsactiviteiten. Het traditionele schoolgebouw heeft hierdoor plaatsgemaakt voor een volledig digitale leeromgeving.



2. CLOUDCRUISING

SCENARIOBESCHRIJVING (VR + CLOUD)
Maandagochtend half acht. Saartje is al wakker. Ze heeft haar boterhammen gesmeerd en start haar laptop op. Terwijl ze haar boterhammen opeet, logt ze in op haar computer en start ze een Skype gesprek met haar lesstofcoach. Gisteren had ze moeite  met de breuken, daarom wil ze een extra instructiemoment inplannen, zodat ze zich in dit leerdoel kan verbeteren. Wanneer dit gelukt is gaat ze aan de slag met de overige lesstof. Wanneer Saartje aan de leerdoelen werkt waarin ze zich verder wil ontwikkelen, meet de software zorgvuldig haar resultaten. Het niveau van de aangeboden opgaven wordt hier continu op aangepast. Saartje bepaalt zelf wanneer en hoe lang ze pauze neemt, door zelf uit te loggen. Haar leerresultaten worden gevolgd door haar leerlingbegeleider Emily. Emily neemt via Skype contact met haar op wanneer er bijzonderheden zijn. Dit kan ook op het initiatief van Saartje plaatsvinden. Ook kan ze terecht bij een ICT’er of lesstofcoach indien ze vastloopt.

KENMERKEN
-       Online leeromgeving
-       Aanbod stemt zich af op het niveau van de leerling
-       Adaptieve software
-       Leerling bepaalt tijd
-       Leerling bepaalt uren en pauzes
-       Geen fysiek gebouw
-       Online leerlingbegeleiders / lesstofcoach / ICT’er

Welkom in schooljaar 2030. De afgelopen jaren heeft de technologisering en de opkomst van ICT flink doorgezet. Dit heeft de arbeidsmarkt dusdanig doen veranderen, waardoor de vraag naar 21e eeuwse vaardigheden exponentieel is toegenomen (Onderwijsraad, 2014). Overheid en onderwijsinstanties hebben om die reden de handen ineen geslagen om op een gestructureerde manier deze trend in onderwijsland vorm te geven. Dit heeft geresulteerd in het online onderwijsscenario ‘Cloudcruising’. Het traditionele schoolgebouw heeft hierin plaatsgemaakt voor een digitale leeromgeving. Nieuwe media worden ingezet om individuele leerresultaten van leerlingen zo goed mogelijk te volgen en het lesstofaanbod hierop aan te passen.
De migrantenstroom naar Europa die van 2014 tot 2020 heeft plaatsgevonden, zorgt voor veel ongelijkheid binnen de samenleving (Theisens, 2014). Er is sprake van extreme diversiteit en grotere linguïstische en culturele verschillen binnen de klaslokalen. Ook vraagt de globaliserende maatschappij om onderwijs dat de creativiteit en nieuwsgierigheid van leerlingen prikkelt (Platform Onderwijs 2032, 2015). Kennisoverdracht blijft, maar meer in balans met persoonlijke ontwikkeling en voorbereiding op deelname aan de maatschappij.
Nijhof (1981) onderkent dat interne differentiatie, via leeftijdsselectie, de variatie in leerrelevante kenmerken tussen leerlingen in groepen kan maximaliseren. Dit maakt dat het onderwijs individualistischer en meer flexibel wordt vormgegeven, tailormade! Gepersonaliseerd leren heeft betrekking op leersituaties die tegemoetkomen aan individuele verschillen tussen leerlingen en efficiënt zijn georganiseerd. Dankzij de mogelijkheden van nieuwe technologie zijn vormen van differentiatie en maatwerk mogelijk die zonder ICT niet uitvoerbaar zouden zijn. ICT maakt gepersonaliseerd leren in de praktijk makkelijker hanteerbaar en uitvoerbaar (Marquenie, Opsteen, Brummelhuis & Waals, 2014) (Reints & Wilkens, 2012).



3. LEERLOKET

SCENARIOBESCHRIJVING
Maandagochtend tien voor half negen. Saartje wordt door haar moeder afgezet bij school. Om kwart over drie is de school weer uit. Ze start de dag in de kring in haar eigen klas. Deze klas bestaat uit 25 leerlingen met dezelfde leeftijd als Saartje. Samen volgen ze het lesprogramma dat wordt aangeboden door juf Emily. Saartje werkt regelmatig zelfstandig, maar ook vaak samen met klasgenoten aan de opgegeven opdrachten. Er is veel aandacht voor normen en waarden en er ligt een sterke focus op burgerschapsonderwijs. In de lesstof wordt gedifferentieerd op drie niveaus: zon, maan en ster. Wanneer leerlingen hier buiten lijken te vallen, is doubleren of een leerjaar overslaan een mogelijkheid. Wanneer ook dit geen uitkomst biedt, kan doorverwijzing plaatsvinden naar het speciaal basisonderwijs.

KENMERKEN
-       Kinderen volgen onderwijs in een schoolgebouw
-       Vaste lestijden
-       Vast onderwijsaanbod
-       Opbrengstgericht werken
-       Burgerschapsonderwijs
-       Coöperatieve werkvormen
-       Differentiatie op 3 niveaus binnen het klaslokaal
-       Leerjaargroepen
-       Doublure of leerjaar overslaan indien leerlingen niet voldoende hebben aan de aangebrachte differentiatie
-       Doorverwijzing naar speciaal onderwijs indien leerlingen te veel afwijken van de standaard

De basisschool voelt zich verantwoordelijk voor het bieden van een sociaal anker aan de leerlingen. De migrantenstroom naar Europa die van 2014 tot 2020 heeft plaatsgevonden, zorgt voor veel ongelijkheid binnen de samenleving (Theisens, 2014). Er is sprake van extreme diversiteit en grotere linguïstische en culturele verschillen binnen de klaslokalen. Kennis en vaardigheden voor wereldburgerschap worden hierdoor van groter belang. Er is veel aandacht voor het aanleren van sociale- en culturele vaardigheden, mede omdat de dynamische arbeidsmarkt hier om vraagt (Onderwijsraad, 2014). Het fysieke en intensieve contact met leerkracht en medeleerlingen biedt kansen om individualisering binnen de huidige maatschappij te voorkomen.
Binnen dit scenario wordt opbrengstgericht werken beschouwd als het middel bij uitstek om hogere leeropbrengsten te realiseren (Blok & Roeleveld, 2015). Ledoux, Blok & Boogaard (2009) gebruiken in plaats van de term opbrengstgericht werken, de definitie meetgestuurd onderwijs. Met deze opvatting wordt er aansluiting gezocht bij het beleidsprogramma van het Ministerie, waarin een zwaar accent ligt op regelmatige evaluatie en op de benutting van evaluatiegegevens voor volgende activiteiten. Het is een specificatie die ook aansluit bij opvattingen van de Inspectie, die opbrengstgericht werken met name invult met toets- en evaluatieprocedures (Blok, Ledoux & Rouleveld, 2015).



4. SCAFFOLDSCHOOL

SCENARIOBESCHRIJVING
Maandagochtend tien voor half negen. Saartje wordt door haar moeder afgezet bij school. Om vijf uur zal ze op dezelfde plek weer worden opgehaald. Wanneer de bel gaat, verzamelen de kinderen van Saartje’s leergroep zich in één van de spreekkamers in school. Haar leergroep bestaat uit een klein aantal kinderen, van verschillende leeftijden maar met ongeveer vergelijkbare capaciteiten. Iedere leerling start met het opstellen van een individuele dagplanning. Waar ga je aan werken? Hoe deel je je tijd in? Wanneer ga je ontspannen? Op welke tijdstippen heb je de leerkracht nodig voor instructie of feedback? Saartje heeft veel zeggenschap over deze indeling en richt deze in naar haar eigen behoeften. De leerkracht kijkt over haar schouder mee, biedt hulp wanneer nodig en houdt het overzicht. De focus ligt op de individuele ontwikkeling van de leerling, maar om de gestelde doelen te bereiken, mag Saartje de samenwerking met klasgenoten aangaan.
De school biedt meer dan alleen onderwijs. Tussendoor is er ruimte voor sport en spel of vrijetijdsactiviteiten. Ook afspraken met een logopediste, GGD of dyslexietrainer, kunnen binnen hetzelfde gebouw plaatsvinden. Het gebouw heeft multifunctionele en flexibel in te richten ruimten. Speciaal basisonderwijs bestaat niet binnen dit scenario. Er is sprake van inclusief onderwijs in de meest brede zin van het woord. Het aanbod van de school past zich aan aan de behoeften van de leerlingpopulatie.

KENMERKEN
-       Kinderen volgen onderwijs in een schoolgebouw
-       Aanbod is sterk afgestemd op de individuele leerbehoeften van leerlingen
-       Leerlingen werken aan zelf gekozen leerdoelen, eventueel in overleg met de groepsleerkracht  
-       Eigenaarschap en autonomie
-       Leerling heeft in hoge mate zeggenschap over het lesstofaanbod
-       Leerling plant zelf instructie-, verwerkings- en ontspanningsmomenten in
-       Aanbod van zowel onderwijs, sport en spel
-       Kleine leergroepen
-       Focus op persoonlijke ontwikkeling
-       Focus op samenwerking
-       SBO bestaat niet, inclusief onderwijs

De basisschool voelt zich verantwoordelijk voor het bieden van een sociaal anker aan de leerlingen. De migrantenstroom naar Europa die van 2014 tot 2020 heeft plaatsgevonden, zorgt voor veel ongelijkheid binnen de samenleving (Theisens, 2014). Er is sprake van extreme diversiteit en grotere linguïstische en culturele verschillen binnen de klaslokalen. Kennis en vaardigheden voor wereldburgerschap worden hierdoor van groter belang. Er is veel aandacht voor het aanleren van sociale- en culturele vaardigheden, mede omdat de dynamische arbeidsmarkt hier om vraagt (Onderwijsraad, 2014). Het fysieke en intensieve contact met leerkracht en medeleerlingen biedt kansen om individualisering binnen de huidige maatschappij te voorkomen. Deze school verzorgd inclusief en passend onderwijs in de breedste zin van het woord (Platform Onderwijs 2032, 2014). De maatschappelijke taak van deze school is om zo veel mogelijk tegemoet te komen aan de pedagogische- als didactische behoeften van iedere individuele leerling. Professioneel omgaan met verschillen en het werken met ontwikkelingsperspectieven staat hierbij centraal.
Ook vraagt de globaliserende maatschappij om onderwijs dat de creativiteit en nieuwsgierigheid van leerlingen prikkelt (Platform Onderwijs 2032, 2015). Kennisoverdracht blijft, maar meer in balans met persoonlijke ontwikkeling en voorbereiding op deelname aan de maatschappij.
Nijhof (1981) onderkent dat interne differentiatie, via leeftijdsselectie, de variatie in leerrelevante kenmerken tussen leerlingen in groepen kan maximaliseren. Dit maakt dat het onderwijs individualistischer en meer flexibel wordt vormgegeven, tailormade! Gepersonaliseerd leren heeft betrekking op leersituaties die tegemoetkomen aan individuele verschillen tussen leerlingen en efficiënt zijn georganiseerd. Dankzij de mogelijkheden van nieuwe technologie zijn vormen van differentiatie en maatwerk mogelijk die zonder ICT niet uitvoerbaar zouden zijn. ICT maakt gepersonaliseerd leren in de praktijk makkelijker hanteerbaar en uitvoerbaar (Marquenie, Opsteen, Brummelhuis & Waals, 2014) (Reints & Wilkens, 2012).

LITERATUUR

Blok, H., Ledoux, G., & Roeleveld, J. (2015). Opbrengstgericht werken in het primair onderwijs: een effectieve weg naar onderwijsverbetering? Pedagogische Studiën, 92, 167-178.

Deunk, M.I., Maslowski, R., Kuijk, M.F. van, & Doolaard, S. (2015). Scholen in verandering. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen, GION.

Faber, M., Geel, M. van., Visscher, A. (2013). Digitale leerlingvolgsystemen als basis voor opbrengstgericht werken in het Primair Onderwijs. Enschede: Universiteit Twente.

Janssens, F. J. (2008). Kijk op toetsen. Universiteit Twente.

Kohnstamm, P. (1963). Persoonlijkheid in wording (4de druk). Haarlem: Tjeenk Willink.

Marquenie, E., Opsteen, J. Brummelhuis, A. ten, Waals, J. van der (2014) Elk talent een kans. Verkenning van gepersonaliseerd leren met ICT. (onderzoeksnotitie ten behoeve van project Leerling 2020) In opdracht van Schoolinfo voor de VO-raad.

Mooij, T. (1991) Schoolproblemen van hoogbegaafde kinderen. Richtlijnen voor passend onderwijs. Muiderberg: Coutinho.

Mooij, T. (2016). Onderwijsdifferentiatie en leerlingproblemen in Nederland, 1916-2015: Review van probleemanalyses, onderzoeken en effecten van beleidsmaatregelen. Mens en Maatschappij, 91(3), 235-269.

Nijhof, W.J. (1981). Interne differentiatie als een innovatie. ’s-Gravenhage: Staatsuitgeverij.

Onderwijsraad (2014). Een eigentijds curriculum. Den Haag: Onderwijsraad

Platform Onderwijs 2032 (2015). Hoofdlijn advies: een voorstel. Gevonden op 7 oktober 2015 op http://onsonderwijs2032.nl/wp-content/uploads/2015/09/Hoofdlijn-advies-Een-voorstelOnderwijs2032.pdf

Reints, A. & Wilkens, H. (2012). Wat bepaalt de kwaliteit van digitaal leermateriaal. 4W, 1(1), 28.

Theisens, H. (2014). De toekomstbestendigheid van het Nederlandse Onderwijssysteem. Een startdossier: zes belangrijke trends, vijf risico’s en vier conclusies. Den Haag: Haagse Hogeschool.


vrijdag 10 maart 2017

Groepsopdracht poging twee - offline + one size

Nadat van 2017 tot 2020 exponentiële organisaties als Uber, AirBnB, Spotify, Netflix en Snapchat de macht grepen en zich in het beroepsonderwijsland nestelden leek het er sterk op dat het traditionele onderwijssysteem volledig zou verdwijnen. Online leren, gericht op voortdurend veranderende beroepen, gefinancierd door het bedrijfsleven, zat in de lift (Voogt & Roblin, 2010).
Maar een mens is en blijft een kuddedier, heeft nood aan sociaal contact en samenzijn. Begin van deze eeuw kwam cocooning al op als tegen-trend en nadat Nederland zich in 2025 terugtrok uit de EU en de gulden terug kwam, ontstond de bekende financiële crisis welke aanhield tot 2028.
De bedrijven, ooit succesvol op weg om het beroepsonderwijs over te nemen, gingen failliet. De maatschappij ontwikkelde zich vanaf 2027 zachtjes tot een ‘vakkennis’ maatschappij, daar technologische ontwikkelingen volledig afzwakten. Internet, multimedia en computers verdwijnen naar de achtergrond in het dagelijks leven en op scholen. In het onderwijs werd vakkennis en vakvaardigheden weer belangrijk en gewenst door de arbeidsmarkt.

De 17-jarige Saartje droomt van een baan als dierenartsassistent en startte haar studie hiervoor in 2029. Hiertoe gaat ze 3 dagen per week naar school en 2 dagen per week naar een werkplek om te leren in de praktijk. Het leren op school en op een werkplek zijn vervlochten met elkaar ( Den Ouden, Valkenburg & Den Brok, 2014). Op school volgt ze vakinhoudelijke lessen bij docent en tevens leercoach Emily. Ze voelt zich prettig op school in haar vaste klas met vaste klasgenoten, ze had na een paar weken al helemaal het gevoel dat ze erbij hoort. Dat is niet vreemd want sinds de vorige eeuw is bekend dat het gevoel van ergens bij horen (sense of belonging) en persoonlijke relaties een positieve bijdrage levert aan persoonlijke groei en ontwikkeling van studenten (Deci & Ryan, 2002). Saartje en haar medestudenten werken en leren binnen de leergroep, het nieuwe sociale netwerk, intensief samen door te werken aan complexe beroepsgerichte opdrachten (Teurlings, Van Wolput & Vermeulen, 2006). Ze wisselen tacit knowledge uit, bedenken oplossingen voor realistische vraagstukken en krijgen vakkennis aangeleverd door de leercoach Emily (Benammer, et al., 2006). Het samen leren en samen ontwikkelen maakt het mogelijk om elkaar voortdurend van feedback, feed-up en feed-forward te voorzien (Hattie & Timperley, 2007) wat een positieve bijdrage levert aan de leerwinst. Emily  begeleidt de studenten in het samenwerkingsproces, voorziet hen van up to date vakkennis en is facilitator van het groepsproces (Dochy, Berghmans, Koenen, & Segers, 2015). Om haar eigen kennis bij te houden loopt Emily een aantal malen per jaar een verplichte bedrijfsstage (MBO Raad, 2015) en onderhoudt op deze manier haar eigen vakkennis en vaardigheden. Op de werkplaats leert Saartje haar kennis en vaardigheden meteen toe te passen. Ze ontwikkelt hierdoor de gewenste beroepsvaardigheden (Timmermans, 2012) en werkt aan persoonlijke bekwaamheid en de persoonlijke ontwikkeling, met de focus op het beroepsmatig functioneren en het ontwikkelen van een beroepsidentiteit (Glaudé, Van den Berg, Verbeek & de Bruij, 2011). Emily heeft nauw contact met de werkplaats. Regelmatig wordt voortgang en ontwikkeling besproken. De werkplaats levert input voor opdrachten waaraan Saartje en medestudenten op school en op de werkplaats werken. Emily past hierop haar lessen en over te dragen vakkennis.
Na 3 jaar is Saartje een volwaardig dierenartsassistente en kan zij misschien wel aan de op de werkplaats waar zij het echte vak en de vaardigheden onder andere leerde.

Benammer, K., Snoek, M., Dale, L., Juis, N., Meeder, S., Poortinga, J., ... & Schwab, H. (2006). Leren met toekomstscenario’s: scenarioleren voor het hoger onderwijs.
Deci, E.L. & R.M. Ryan (eds.) (2002). Handbook of Self-Determination Research.
New York: University of Rochester Press.
Den Ouden, E., Valkenburg, R., & den Brok, P. (2014). Leren in Eindhoven 2030: Visie en Roadmap
voor de toekomst van educatie. Eindhoven: LightHouse. Geraadpleegd 4 februari 2016: http://www.il-lighthouse.nl/Images/ VisieRoadmapLerenEindhoven2030HR.pdf

Dochy, F., Berghmans, I., Koenen, A., & Segers, M. (2015). High Impact Learning: Bouwstenen voor het leren van de toekomst. Amsterdam: Boom Lemma uitgevers.


Glaudé, M. T., van den Berg, J., Verbeek, F., & de Bruijn, E. (2011). Pedagogisch-didactisch
 handelen  van docenten in het middelbaar beroepsonderwijs. Literatuurstudie.

Hattie, J., & Timperley, H. (2007). The power of feedback. Review of educational research, 77(1), 81-112.
Herziening MBO (z.d.). Herziening – wat is het? Geraadpleegd op 18 februari 2017, van             http://www.herzieningmbo.nl/de-herziening/inhoud/

Onstenk, J. (2003). Werkplekleren in de beroepsonderwijskolom. Naar een integratie van binnen en
buitenschools leren. Den Haag: Onderwijsraad.

Teurlings, C., Van Wolput, B., & Vermeulen, M. (2006). Nieuw leren waarderen. Een
literatuuronderzoek naar effecten van nieuwe vormen van leren in het voortgezet onderwijs. Utrecht: Schoolmanagers_VO.

Timmermans, M. (2012). Kwaliteit van de opleidingsschool. Over Affordance, Agency en Competentieontwikkeling. Academisch proefschrift. Nijmegen: Hogeschool Arnhem Nijmegen.

Voogt, J., & Roblin, N. P. (2010). 21st century skills. Discussienota. Zoetermeer: The Netherlands: Kennisnet.



dinsdag 7 maart 2017

Online-Tailor made groep 2.0


Het Shaking Event op 10 maart 2017 heeft diepe sporen nagelaten in het onderwijs! Vandaag 10 maart 2030 plukken we nog steeds de vruchten van een kanteling die gezamenlijk tot stand is gekomen. Jan Rotmans, Jef Staes, Sjef Drummen en nog veel meer dwarsdenkers hebben aan de wieg gestaan van 'human based learning'.

Nadat van 2017 tot 2020 exponentiele organisaties als Uber, AirBnB, Spotify, Netflix en Snapchat de macht grepen en zich in het onderwijsland nestelden is de bom in Den Haag gebarsten. In 2016 werd in de voetbalwereld de transfermarkt volledig opengebroken, makelaars moesten geen licentie meer hebben omdat men vermoedde dat er daardoor een transparanter systeem zou ontstaan. Precies hetzelfde besloot de overheid in 2020 ook te doen, de roep van het volk om het afschaffen van alle regelgeving rondom diploma's en leerplicht zijn gehoord waardoor communities zelf zijn gaan bepalen hoe zij de mens centraal wilden zetten in een ontwikkelsysteem. De bekostiging van het gehele online systeem komt voor rekening van de ingestapte bedrijven (global en local).

Wat daarbij opvalt is dat er enkele grote wereldwijde aanbieders zijn ontstaan die de grote massa begeleiden. Daarnaast zijn er een aantal zeer specifieke Open Learning Labs ontstaan die in Nederland gesteund worden door oprichters als Wim van der Leegte, Peter Wennink, Toon Gerbrands en een aantal andere vooraanstaande zakenmannen. Zij gebruiken de online labs vooral voor cherry picking ten opzichte van talenten die hun regio of bedrijf vooruit kan helpen.

Centraal staat de ontwikkeling van de mens. Toen Saartje begin 2023 middels een algoritme match de mogelijkheid kreeg om zich persoonlijk te ontwikkelen bij het Worldwide Open Online Learning Lab is er veel veranderd in haar dagelijkse leef en werkpatroon. Vanuit een local-challenge bij Shapeways in Eindhoven hebben haar inspanning gezorgd voor een datastroom aan outcomes op soft en hardskills die gestreamd zijn naar haar online identiteit. Het Open Online Learning lab heeft zowel een ontwikkelingen als wervingsfunctie voor de 10 grootste exponentiële bedrijven in de wereld. Saartje heeft een aanbod gekregen om zichzelf te verbinden voor 3 challenges aan het lab zodat zij zich als mens en online identity kan ontwikkelen en profileren. 

Vanaf het moment dat zij ja heeft gezegd is Agoriaanse meester Emily in haar leven gekomen. Zij treed op als Learning Coach en heeft Saartje begeleid bij het doorlopen van een 4 weeks detox-programma waar Saartje compleet van de offline wereld is geweest. Ze heeft zich 4 weken lang bewogen in de digitale wereld in de cloud van het Open Learning Lab. Daarin heeft ze middels het spelen van verschillende games in virtual reality haar huidige Online Identiteit aangetoond. Daarnaast heeft Emily de leerstrategie verkend met Saartje samen zodat zij de ideale Online Blend hebben kunnen samenstellen die gedurende de werkelijke challenges zijn uitwerking vindt. 

Na het detox-programma gaat Saartje aan de slag voor een van de 10 bedrijven die haar ontwikkeling sponsoren. Ze werkt vanuit een digitale leeromgeving samen met de master-talents van de wereld. Gedurende het projectmatige werken aan grand global challenges noteert zij zelf en haar sensoren zogenaamde 'persoonlijke gaps'. Deze 'gaps' worden in de cloudomgeving omgezet naar algoritmen die vervolgen worden gekoppeld aan online experts en/of leermateriaal dat aansluit op de persoonlijke leerbehoefte. 
Wanneer het aantal 'gaps' een te groot risico vormen voor het gedemotiveerd raken van Saartje haar inzet op de challenge komt haar meester Emily om de hoek kijken. Zij gaat vanuit een persoonlijk gesprek ontrafelen wat eventuele vervolgstappen kunnen zijn. Saartje zelf noteert de feedforward stappen en heeft vervolgens 24 uur om actie te ondernemen. Emily zorgt er op de achtergrond voor dat de de online identiteit van Saartje een aantal triggers krijgt die haar kunnen helpen bij een break through. 
Vanuit de persoonlijke resultaten die worden gemeten op basis van de impact die Saartje heeft op de solutions die worden bedacht en uitgewerkt wordt haar online identiteit voorzien van scores. Wanneer ze minder goed presteert blijft het bij de 3 challenges waarvoor ze getekend heeft en krijgt ze het minimaal afgesproken loon betaald. Wanneer ze excellent presteert op zowel impact als persoonlijke ontwikkeling is de kans groot dat een andere bedrijf haar een aanbod doet voor een nog uitdagendere challenge.

Momenteel zijn er een aantal issues waar de online learning labs mee worstelen. De persoonsgerichte keuze met betrekking tot het kiezen van challenges zorgt ervoor dat sommige master talents geïsoleerd raken. Omdat de persoonlijke challenge niet aansluit bij wat de global of local challenges zijn worden hun capaciteiten niet afgenomen of voldoende erkend.
Tevens is er een zeer beperkte groep mensen die elkaar fysiek tegenkomt bij het delen van de great global solutions, hierdoor ontstaat er een homogene groep denkers die uiteindelijk ook vastlopen in hun denkrichtingen.









Toekomstscenario voor het hbo onderwijs 2030-2.0


De huidige exponentiele groei van technologische mogelijkheden beïnvloeden de manier waarop we leren, werken en leven. Hoogleraar Jan Rotmans haalt in zijn lezingen vaak aan dat we niet leven in een tijdperk van veranderingen, maar in een verandering van tijdperk. In dit toekomstscenario staat de trend ‘technologische ontwikkelingen’ centraal. In de vier kwadranten wordt beschreven wat de invloed van technologische ontwikkelingen in de toekomst kan betekenen voor het hoger beroepsonderwijs. Ieder kwadrant wordt uitgewerkt aan de hand van de topics: onderwijsvorm, onderwijsinhoud, de economische maatschappelijke ontwikkelingen. 

De maatschappelijke opdracht die het hoger beroepsonderwijs vervult staat centraal bij het uitwerken van de kwadranten. Daar waar het hoger onderwijs altijd heeft opgeleid voor afgebakende banen treedt er nu (2017) een verandering op, steeds meer banen in het middensegment verdwijnen (Rubens, 2016). De taak van het hoger beroepsonderwijs is om mensen te leren omgaan met onzekerheden, risico’s en een leven lang leren. Daarnaast wordt er gesteld dat het onderwijs bijdraagt aan het afleveren van bewuste burgers die gedurende hun leven bijdragen aan ene betere wereld/maatschappij (hbo2025, 2015).

De technologische trend is vertaald naar de twee extremen: online en offline. Daarnaast worden de extremen ‘one size fits all & tailor made’ in relatie tot onderwijsaanbod tegenover elkaar gezet. In eerste instantie lijken deze extremen erg voor de hand liggend en niet erg disruptief. Echter ben ik van mening dat het hoger beroepsonderwijs de komende jaren binnen deze extremen een disruptieve metamorfose zal ondergaan in de vormen van onderwijsaanbod om te kunnen voldoen aan de dynamische arbeidsmarkt en maatschappij.


Context

Momenteel (2030) is er slechts een selecte groep mensen die betaald voor hbo onderwijs. Dit heeft te maken met economische en maatschappelijke ontwikkelingen van de afgelopen 15 jaar. De beslissing om in 2016 de basisbeurs af te schaffen voor studenten heeft twee ingrijpende uitkomsten in de hand gewerkt. De eerste is dat afgestuurde studenten relatief verouderde curricula hadden doorgewerkt waardoor zij uiteindelijk met een relatief ‘ongewild’ diploma op de markt terecht kwamen. Doordat in hun studietijd de banen en de daarbij behorende competentie-set disruptief veranderden betraden zij met een behoorlijke studieschuld de arbeidsmarkt zonder daar een baan te kunnen vinden. De tweede uitkomst is dat zittend personeel vanaf 2016 geen gebruik heeft gemaakt van de onderwijsprogramma’s die hogescholen aanboden. Dit omdat hun werkgever deze programma’s niet vond aansluiten op de snel veranderende behoefte en zij relatief duur waren in vergelijking met het andere aanbod vanuit Open Education (Schuwer, 2016)

Offline/Tailor Made: 
Nadat de 'rugzakjes' verdwenen zijn uit het onderwijs en de vernieuwingen rondom #onderwijs2032 geflopt zijn is de bom gebarsten in onderwijsland. Net als de samenleving is het gat tussen arm en rijk steeds groter geworden, in het onderwijs met name het gat tussen hoog en laag opgeleide mensen.

De schreeuw rondom het lerarentekort is voor niets geweest in 2017, Doukle Terpstra en consorten hebben tegen de bierkaai gevochten. Men heeft als maatschappij massaal de robotisering laten plaatsvinden in het onderwijs waardoor offline en op maat gemaakt onderwijs alleen nog voor de rijken der aarde is weggelegd. De gewone schoolgebouwen en campussen zijn verdwenen omdat de bekostiging hiervan niet meer door de staat wordt voorzien.

Het verdwijnen van de kennismaatschappij heeft ervoor gezorgd dat de skill-labs nu overvol zitten met lerenden van alle leeftijden en nationaliteiten. Met als enige overeenkomst dat zij werken voor exponenientele organisaties die hun geld verdienen met het bij elkaar brengen van vraag en aanbod of vaders en moeders hebben die bij deze bedrijven werken zodat zij het skill-lab abonnement kunnen betalen van hun zoon of dochter. In de labs is men gezamenlijk bezig om vaardigheden te leren middels het vinden van solutions voor challenges. Daarbij ligt de focus niet alleen op het oplossen van deze vaak 'global challenges' maar ook vooral op het vinden van deze challenges. Bedrijven betalen tegenwoordig grove salarissen voor mensen die de zogenaamde 'survival skills' bezitten en leiderschap vertonen. Het zogenaamde innoveren in the box!
De sociale component van leren staat centraal, hoe meer denkkracht er bij elkaar is hoe beter! Het is namelijk zo dat heel veel machine learning en deep learning door robots wordt gedaan. Hierdoor zijn enkel de knappe koppen interessant genoeg voor de exponentiële bedrijven.

Offline/One Size Fits All: 
Het steeds verder oplopende gat tussen hoog en laag opgeleide mensen houdt men in stand doordat de grote menigte laag opgeleide mensen alleen terecht kan bij de instelling hbo-nederland. De kerncurricula van zowel de basisscholen als het voortgezet onderwijs zijn in 2017 herzien en men heeft vooral toegewerkt naar de instroom-profielen van het mbo die in 2016 zijn vastgesteld.
Dit in relatie tot de herzieningen van het hbo vanuit het rapport van Rinoy Kan in 2016 heeft ervoor gezorgd dat de vrije talentontwikkelende bachelors niet van de grond zijn gekomen. Er kwam een groot aantal uitvallers die zich geen raad wisten in het vrije hbo systeem. Daarom is men in 2019 overgegaan naar een 'vast curriculum' dat 12 opties kent die aansluiten op de uitstroomprofielen van het mbo. Het vaste curriculum biedt geen houvast gericht op beroepen maar zijn holistisch ingericht zodat je als mens ondersteuning krijgt bij het ontwikkelen op leiderschap, talenontwikkeling en zelfredzame vaardigheden. De kenniscomponenten die worden aangeboden hebben te maken met het ontstaan van global challenges en huidige technologische/strategische aanpakken die master talents in skill-labs oplossen. Deze kennis is uitgewerkt in hapklare stukken onderwijsmateriaal die je als groep doorneemt op de overheidscampus en vervolgens verwerk tot assessment materiaal. Dit materiaal bestaat uit daily journeys van master-talents en hun uitdagingen waar ze niet uitkomen staan centraal bij de opdrachten die een groep studenten maakt. Ieder individu kiest een focus vanuit zijn persoonlijke talent en toont zijn of haar ontwikkeling aan middels een self-assessment-assessment dat gecheckt wordt door een master-talent uit het skila-lab of een manager uit een exponentiële organisatie.
De rollen en verantwoordelijkheden die gekoppeld zijn aan het vaste curriculum spelen in op de ondersteunende activiteiten die mensen uitvoeren om de master talents te ondersteunen.

Online/One Size Fits All:
De stichting Open Educational Netherlands is in 2018 ontstaan vanuit een samenwerking tussen Apple en Blendle. De iTunesU store werd destijds vooral een veredelde digitalisering van bestaande hard-copy materialen. Terwijl Blendle het gat tussen vraag en aanbod in de maatschappij perfect invulde met correspondenten uit alle hoeken en gaten van de maatschappij. Alle beste MOOC builders zijn opgekocht door de twee-eenheid en zodoende hebben zij een heel rijk aanbod aan onderwijsprogramma's die is afgestemd op de gemiddelde mens.
Bedrijven hebben heel duidelijk profielen opgesteld die door middel van big data worden aangescherpt per semester. Vanuit algoritmen krijgt een werknemer het perfecte on-demand aanbod voorgeschoteld rondom zijn scholing. Er zijn gestandaardiseerde Augmented en Virtual reality ervaringen vastgelegd per bedrijf, rol en verantwoordelijkheid.
Als lerende krijg je via wereables signalen dat je minder uren moet inplannen om productief te zijn en ruimte moeten maken om jezelf te upgraden door middel van online scholing.
Wanneer je dit niet binnen een bepaalde tijd doet krijg je een coachgesprek met een loopbaanbegeleider. Problem based learning is een veel ingezette methode gedurende het online leren, van iedere student wordt verwacht dat een goede analyse gemaakt kan worden van een bestaand probleem dat door middel van Mixed Reality in beeld wordt gebracht. Vervolgens maakt deze student een zo goed mogelijk adviesrapport met mogelijke implementatiestappen. Deze aanpak wordt aan peers voorgelegd middels virtuele bijeenkomsten. De student wordt geacht de output van deze gesprekken te verwerken naar feedback/forward en up uitwerkingen.

Online/Tailor Made:
De grote exponentiële bedrijven hebben in Europa de bestaande hogescholen in 2019 op slot gezet! Doordat er een hele verandering heeft plaatsgevonden in zowel de maatschappij als in de wereld van de verdienmodellen werd het voor steeds meer mensen moeilijk om onderscheidend te zijn. De waarde van het diploma verdween doordat de overheid zijn handen hiervan aftrok. Waardoor het voor veel bedrijven een erg kostbare aangelegenheid werd om de juiste man op de juiste plaats te krijgen. Oftewel het juiste talent op de juiste plek zodat ontwikkeling in economische en ecologische groei mogelijk zou blijven voor het bedrijf. Om de persoon zowel actief te houden voor het bedrijf als zichzelf te laten ontwikkelen is er een platform opgericht dat Open Global Talent Éducation heet. Je kunt hier alleen toegang toe krijgen wanneer je een speciale educoin beurs krijgt aangeboden of je werkzaam bent bij de top 50 van meest invloedrijke exponentiële bedrijven. Er zijn diverse mogelijkheden om on-the-job te leren, de talenten en krachten die je van nature bezit zet je in om anderen te helpen en om een ‘challenge’ aan te gaan. Wanneer je ondersteuning in de vorm van verdieping, coaching of andere pedagogische/didactische kwaliteiten nodig hebt dan kun je die via een ‘alert’ aangeven op het online platform. Bij gebruik betaal je voor wat je gebruikt of je kiest ervoor om ‘ruilhandel’ toe te passen. Wanneer je meer brengt dan haalt krijg je zogenaamde ‘educoins’ uitgereikt die net als de bitcoin een waarde bevatten binnen het online platform. De onderwijsinstellingen gericht op hbo denk en werkwijze zijn ontmanteld, er is een zelfreinigend systeem opgezet wat in de basis heel erg lijkt op een combinatie van Airbnb en Uber (Vullings, 2015). Wanneer je als lerende, coach en/of expert niet de kwaliteit levert die is afgesproken dan is dat transparant en zichtbaar op het online open pedogogy platform.  
Als lerende kun je overal ter wereld onderwijs volgen dat bijdraagt aan het upgraden van jouw menselijke status. Denk hierbij aan kunstmatige intelligentie (Kosters, 2016) die als wearable in je lichaam is geïmplementeerd. Gebaseerd op het abonnement bij de Dollar Shave club krijgt je kunstmatige brein iedere twee weken een update. Door de ontmanteling van het onderwijs zit je als persoon niet langer vast aan een fysieke locatie voor meer dan vier jaar. Je leert fysiek op een explorerende manier en daar waar jouw talenten en specifieke skills de meeste impact hebben. Doordat jouw online en fysieke omgeving (stakeholders) de mogelijkheid hebben om jouw digitale badges (Detering. Et al, 2011) uit te reiken is jouw online identiteit belangrijker (Huizer, 2016) in relatie tot het verwerven van nieuwe leertaken dan jouw fysieke lichaam. Deze badges zijn microdentials (European Commission, 2016) die elkaar versterken en uiteindelijk de kracht en talenten van jouw als persoon weergeven. In de bedrijfswereld betaald men salaris op basis van impact-analytics. Deze analytics zijn een afspiegeling van het geanalyseerde big-data welke in relatie staan met vaardigheden rondom problem-solving, divergeren & convergeren (OECD, 2013) en analytisch en evaluatief denkvermogen.